FEBC-FABA
De Kenmerken van de algemene aanneming
  1. Eén enkel contract, één enkele gesprekspartner
    Door een beroep te doen op een algemeen aannemingsbedrijf, zal de opdrachtgever slechts met één gesprekspartner moeten onderhandelen, namelijk de ALGEMENE AANNEMER, aan wie hij de zorg toevertrouwt om het gebouw te realiseren en om alle bouwwerkzaamheden te coördineren.
    De kandidaat-eigenaar sluit dus één enkel contract af met de algemene aannemer, die zijn enige medecontractant zal zijn. Het is ook op hem dat de opdrachtgever een beroep zal doen voor raadgevingen of eventuele problemen tijdens of zelfs na de uitvoering van de werken.

  2. Slechts één persoon aansprakelijk 
    Overeenstemming tussen de uitvoering van het ontwerp, naleving van de globale prijs en van de uitvoeringstermijn van de werken: de bouwheer zal slechts met één verantwoordelijke te maken hebben en zal niet geconfronteerd worden met de vervelende situatie dat de verantwoordelijkheden verdeeld zijn over de verschillende aannemers die de werken uitvoeren. 

  3. Een optimale coördinatie
    De coördinatie van de technische aspecten en van de opeenvolging van de verschillende aannemers met het oog op de naleving van de uitvoeringstermijn gebeurt op die wijze onder optimale omstandigheden, omdat het algemeen aannemingsbedrijf gewoonlijk werkt met dezelfde aannemers en vertrouwd is met de coördinatie van werken.

  4. Geen financiële verrassingen
    De prijsofferte van de algemene aannemers is een globale prijs, die alle werken, zowel de ruwbouw als de afwerking, omvat alsmede de coördinatiekosten; zo beschikt de bouwheer van in het begin over een betrouwbare globale kostenraming en heeft hij een vrij nauwkeurig beeld van het budget dat hij dient te voorzien.
    Bovendien is ook de vergelijking tussen de offertes en bijgevolg de keuze van de onderneming veel gemakkelijker.

  5. Een kortere uitvoeringstermijn
    De afwerking is inbegrepen in een globale planning die de algemene aannemer vooraf heeft uitgewerkt en waarvoor hij de volledige verantwoordelijkheid op zich neemt, zelfs indien een van de onderaannemers eventueel in gebreke zou blijven.
    De risico's op vertraging(en) bij de uitvoering van één onderdeel(en) van de werken, die de vooropgezette planning flink in de war kunnen sturen en tot een aanzienlijke vertraging kunnen leiden, zijn bijgevolg heel wat geringer en worden in ieder geval ten laste genomen door de algemene aannemer. 

  6. De veiligheidscoördinatie
    In verband met de verplichtingen van de recente reglementering inzake veiligheid op de tijdelijke en mobiele bouwplaatsen, kan worden opgemerkt dat de algemene aannemer vaak, om niet te zeggen altijd, bereid en in staat is om in te staan voor de coördinatie van de veiligheid bij de uitvoering van de werken.

  7. De wet Breyne
    Wanneer het gaat om de bouw van een individuele woning, is de wet Breyne van 9 juli 1971 tot regeling van de bouw van woningen en de verkoop van te bouwen of in aanbouw zijnde woningen, die een beschermingswet is van de opdrachtgever, van toepassing (voor meer inlichtingen terzake zie brochure 'Wet Breyne' bij Publicaties).